Site Menu:

MEER ZIEN:

 

 

Belgian Magyar Vizsla Club vzw © 2005
All rights Reserved

 

 

 

Fokreglement van de Belgian Magyar Vizsla Club vzw :

  1. Beide ouderdieren dienen een officiële FCI-stamboom te bezitten. Zowel de teef als de reu dienen een officiëel FCI-HD-attest, afgeleverd in het land waarin zij geregistreerd en verblijven, te hebben met als resultaat "A" of "B". Volgende combinaties zijn mogelijk : A x A, A x B en B x A.
    Het HD-onderzoek heeft niet vóór de leeftijd van 18 maanden plaats. Wanneer één van de ouderdieren HD-"C" is kan die bij de fok gebruikt worden in combinatie met een HD-"A"-hond op voorwaarde dat de HD-"C"-hond over bijzondere kwaliteiten beschikt op exterieurvlak (schoonheidskampioen of minimaal 3 CAC's onder drie verschillende keurmeesters) of op gebied van jachteigenschappen (ten minste 2 kwalificaties - min. Zeer Goed - in veldwerk of andere officiële jachtwerkproeven). Vanzelfsprekend dient deze HD-"C"-hond alle andere voorwaarden gesteld in het fokreglement te vervullen.

  2. Het fokken met een HD-"C"-hond is beperkt tot één keer zolang niet minimum één derde van alle nakomelingen van het eerste nest geröntgend zijn op HD en hiervan minium twee derden een HD-attest "A" of "B" hebben bekomen. Indien het eerste nest slechts uit drie of minder pups bestaat kan eventueel de HD-"C"-hond nog een tweede maal bij de fok ingezet worden op voorwaarde dat ten minste één afstammeling uit het eerste nest een HD-"A" of HD-"B" heeft bekomen.

  3. In een overgangsfase, waarvan de duur bepaald wordt op drie jaar, zal ook de combinatie B x B toegelaten worden. Na verloop van deze periode van drie jaar zal het bestuur overgaan tot een evaluatie van de toestand op basis van de dan bekende gegevens en beslissen of de combinatie B x B verder getolereerd wordt.

  4. Zowel de teef als de reu dienen op exterieurvlak minimaal volgende resultaten behaald te hebben :
    2 maal "Zeer Goed" onder twee verschillende keurmeesters op een officiële CAC-tentoonstelling
    ofwel : 1 maal "Zeer Goed" op de CAC-Clubmatch (Vizsladag)

  5. Eén van de ouderdieren dient evenwel minimaal één kwalificatie "uitmuntend" behaald te hebben op een officiële CAC-tentoonstelling.

  6. Minstens één kwalificatie moet behaald zijn nadat de hond de leeftijd van 20 maanden bereikt heeft.

  7. Zowel de teef als de reu dienen de door de rasvereniging ingerichte proef van "natuurlijke jachtaanleg" of een in het buitenland gelijkwaardige proef met goed gevolg afgelegd te hebben of een kwalificatie, eervolle vermelding of CQN op een officiële jachtwerkproef of -wedstrijd te hebben behaald.

  8. De teef dient de leeftijd van twee jaar bereikt hebben op de dag van de eerste dekking. Tussen de geboortedatum van een vorig nest en een volgende dekking dienen ten minste 18 maand te zijn verlopen.

  9. De Club adviseert de fokker de pups niet te verkopen beneden de minimumrichtprijs van 400 Eur. Deze prijs is voor herziening vatbaar telkens het Bestuur zulks nodig acht.

  10. De fokker dient een aanvraag tot fokadvies ten laatste twee maand vóór de dekking te richten aan de verantwoordelijke van de fokbegeleidingscommissie. Bij die aanvraag dient hij een kopie van de stambomen en alle andere dokumenten te voegen waaruit blijkt dat zijn teef en de eventueel gekozen reu voldoen aan de eisen gesteld in het fokreglement. Het fokadvies zal door de verantwoordelijke van de fokbegeleidingscommissie aan de aanvrager binnen de maand schriftelijk overgemaakt worden.

  11. Indien de fokker zelf geen geschikte reu voorstelt zal de fokbegeleidingscommissie de lijst der "aanbevolen" (die voldoen aan het fokreglement) reuen aan de fokker overmaken.

  12. De fokbegeleidingscommissie kan ten opzichte van bepaalde van die reuen een positief of negatief advies geven op basis van de door haar op dat ogenblik bekende gegevens. De fokker zal zelf de uiteindelijke beslissing nemen inzake de te gebruiken reu.

  13. De fokbegeleidingscommissie kan een voorgestelde combinatie van teef/reu negatief adviseren indien zij weet heeft van fokuitsluitende gebreken bij deze combinatie of bij afstammelingen ervan.

  14. De fokbegeleidingscommissie zal iedere "aanbevolen" reu slechts tweemaal positief adviseren zolang er geen twee nesten van deze reu geboren zijn.

  15. Daarna zal zij overgaan tot een evaluatie van het nakomelingenonderzoek en bij vaststelling van fokuitsluitende gebreken bij nakomelingen in beide nesten kan zij, overeenkomstig de bepalingen van voorgaand artikel, voor de reu in kwestie een negatief fokadvies uitbrengen.

  16. De fokbegeleidingscommissie is samengesteld uit : de voorzitter, twee bestuursleden waarvan één minimaal één nest gefokt heeft en een dierenarts, al dan niet lid van de vereniging.

  17. Voor pups die duidelijk fokuitsluitende gebreken vertonen bij de afgifte, dient de fokker op het dokument waarbij hij de officiële stambomen aanvraagt voor de desbetreffende pup(s) de clausule "Fokverbod" duidelijk te vermelden. De fokker dient de verantwoordelijke van de fokbegeleidingscommissie van de rasvereniging hiervan op de hoogte te brengen. De fokker is gehouden de verantwoordelijke van de fokbegeleidingscommissie te verwittigen wanneer hij, op om het even welk ogenblik, kennis krijgt van fokuitsluitende gebreken bij door hem gefokte honden. Fokuitsluitende gebreken zijn die omschreven in de Rasstandaard als "oorzaken van uitsluiting".

  18. De verantwoordelijke voor de Fokbegeleidingscommissie zal aangesteld worden door deze commissie.

  19. Het nest dient gefokt te worden in overeenstemming met de Fokrichtlijnen van de Koninklijke Maatschappij St Hubertus.