![]() |
|
|
||
| Stambomen | ||||
|
||||
|
|
|
|
Belgian Magyar Vizsla Club vzw © 2005
Het nieuwe reglement GENEALOGISCHE IDENTIFICATIE VAN LOSH-HONDEN wordt van kracht op 1 januari 2009, ter vervanging van de vorige uitgave uit 1987.
Hierbij de voornaamste wijzigingen met verwijzing naar de betreffende artikels.
1. Voor alle worpen geboren vanaf 01/01/2009
moeten beide ouderdieren en minstens één van de pups verplicht gecontroleerd
worden op de afstamming door een DNA-test (Artikel 14).
2. Ouderdieren geboren vanaf 01/01/2008 moeten minstens de
kwalificatie “Goed” behaald hebben onder een Belgische keurmeester, uitgezonderd
op een Rasspeciale, op een Belgische tentoonstelling alvorens toegelaten te
worden tot de fok (Artikel 14).
Je kan het formulier "Dek- en Geboortemelding" hier downloaden (in pdf.formaat).
Tarieven van toepassing bij het aanvragen van stambomen :
Stamboom zonder kennelnaam
44,78 €
Stamboom met kennelnaam
39,83 €
Tatoeage van het nest
11,60 €
Controle van tatoeage en micro-chip
12,97 €
Registratie tatoeage BVIRH
12,39 €
Sinds 1 januari 2006 mag de fokker voor de identificatie van de pups kiezen tussen een tatoeage of een microchip.
1. Algemeen
De fokker moet zijn keuze aanduiden op het formulier ‘Dek-en Geboorteaangifte'.
Voor alle pups van eenzelfde nest moet dezelfde identificatiemethode gebruikt
worden.
De kosten voor de chipcontrole en/of tatoeage moeten bij ontvangst van de
factuur betaald worden, uitsluitend door middel van het bijgevoegde
overschrijvingsformulier op rekening Fortis 210-0634049-12.
De identificatieopdracht wordt pas na betaling uitgevoerd.
2. De elektronische chip
De elektronische chip wordt ingeplant door de dierenarts-identificeerder, die
instaat voor de registratie bij de ABIEC-BVIRH en de aflevering van een Europees
paspoort. Problemen met de chip vallen uitsluitend onder de verantwoordelijkheid
van de uitvoerende dierenarts. De chip moet voldoen aan de ISO-normen voorzien
in het KB van 28 mei 2004.
De fokker bepaalt wanneer de chip ingeplant wordt.
De fokker moet één kleefvignet per pup, met gebruikt chipnummer en barcode, aan
de dierenarts vragen en kleven in de daartoe voorziene ruimte op het formulier
‘Aanvraag stambomen'. Dit is zeer belangrijk voor de elektronische invoering van
de gegevens. De administratie KMSH beschikt voortaan over barcodelezers.
De chip van iedere pup moet vóór het vertrek van het nest bij de fokker en
tussen de 6 e en de 9 e levensweek gecontroleerd worden door de diensten van de
KMSH.
De controleur moet het formulier ‘Aanvraag Stambomen' ondertekenen.
Op het ogenblik van de controle moet het ganse nest en de moederteef aanwezig
zijn.
3. De tangtatoeage
De tatoeage wordt zoals voorheen uitgevoerd door een erkende KMSH-tatoeëerder
tussen de 6 e en de 9 e levensweek van de pups.
De identificeerder zorgt voor de inschrijving bij de ABIEC-BVIRH en de
aflevering van een Europees paspoort.
De fokker, die kiest voor de tangtatoeage, ontslaat de KMSH en de tatoeëerder
van alle verantwoordelijkheid inzake leesbaarheid van de tatoeage. Het
ondertekenen van het formulier ‘Dek- en Geboorteaangifte' door de fokker geldt
als aanvaarding van de ontheffing van voormelde verantwoordelijkheid.
De hertatoeage en de tatoeage onder narcose worden afgeschaft. Bij het
vaststellen van slechte leesbaarheid van een tatoeage laat de eigenaar
onmiddellijk en op eigen kosten een elektronische chip inplanten. Hij brengt de
KMSH hiervan op de hoogte.
4. Chip en tatoeage
Kiest een fokker voor beide identificatiemethodes dan wordt altijd eerst de chip
door de dierenarts ingeplant en pas nadien plaatst de KMSH-tatoeëerder de
tatoeage.
De dierenarts zorgt voor de registratie bij BVIRH en levert een paspoort af. De
tatoeage wordt door de fokker nadien als 2 e identificatie gemeld aan de BVIRH.